Doe eens niet zo feministisch

Omdat ik in een ander stukje de thuisbaan van het halve peloton, namelijk De Westfries, beledigd had, voel ik mij geroepen om daar nog even op terug te komen, aangezien ik mij afgelopen zaterdag weer op voornoemde baan bevond. Spoiler: het was erg gezellig.

Hoorn had namelijk leuke mensen, een prachtig podium, wijn en patat na de wedstrijd en, niet te vergeten, de allerbeste Freudiaanse verspreking die ik ooit gehoord heb. Bovendien stond ik tijdens de wedstrijd van de topdivisie naast mensen die superenthousiast waren en elkaar de hele tijd wezen op schaatsers die ze herkenden (wat leidde tot enige verwarring, en mogelijk huwelijksproblemen, toen ze Stefan Wolffenbuttel aanzagen voor Alexis Contin, maar dat gaf niet, want ze hadden sowieso een topavond).

Nu kan het zijn dat mijn reputatie me vooruit gesneld is, en iedereen inmiddels weet dat ik ongevraagd advies van mensen die niet per se verstand van zaken hebben niet heel erg op prijs stel. Het zou ook kunnen dat ik de mensen die een blik op mijn notitieboek wierpen niet op mijn allervriendelijkst aankeek. Feit is dat er maar een iemand was die commentaar leverde, een flinke verbetering ten opzichte van vorig jaar, dus hup Hoorn. Die man kwam er trouwens makkelijk vanaf, omdat ik op het moment dat hij zijn opmerking maakte heel druk de namen van de kopgroep aan het noteren was (eerlijkheidshalve moet ik eraan toevoegen dat ik toen even aan iemand ‘wie is die gele’ moest vragen, want ook ik kan Stefan Wolffenbuttel niet aan het puntje van zijn neus herkennen).

Seksisme is altijd onbeleefd

Nu waren er mensen die aangaven dat het juist fijn is als mensen je dingen uitleggen, want daar leer je van. Dat klopt. Ik wil ook heel graag meer leren over marathonschaatsen. Op momenten dat er dingen gebeuren die ik niet begrijp, ga ik het dus vragen aan iemand met kennis van zaken. En van sommige mensen kan ik ongevraagd advies prima hebben. Enkele van mijn favoriete personen op het ijs zijn enorme mansplainers. Niemand is perfect, zullen we maar zeggen. Toch grijp ik dit moment nog even aan om het over seksisme te hebben.

In het boek over feminisme dat ik aan het lezen ben, geeft Caitlin Moran een makkelijke manier om seksisme te herkennen. En hoewel ik het niet altijd met haar eens ben, is dit een goed ezelsbruggetje. Want misschien wil je helemaal niet seksistisch zijn, maar ben je het onbedoeld toch. Stel jezelf daarom de simpele vraag: is dit fatsoenlijk? Als je een opmerking tegen een vrouw maakt en ze vindt je een tikkeltje onbeleefd, dan is de kans groot dat je opmerking seksistisch was. Overigens zijn niet alle onbeleefdheden seksistisch, maar seksisme is wel altijd onbeleefd. In plaats van eindeloze discussies over wat moderne, systematische vrouwenhaat nou precies inhoudt, heb je zo in een keer een vrij handig en simpel systeem om niet meer seksistisch te zijn. Verder helpt het ook als je vrouwen als mensen ziet, een beetje net als mannen eigenlijk. En dat we dan allemaal gelijkwaardig zijn en alles. Kijk maar wat je ermee doet.

Vrouwenvragen

Omdat ik soms vergeet dat dit blog bestaat, was ik vergeten een stukje over ‘vrouwenvragen’ te schrijven. Er zijn mannelijke journalisten die hun vrouwelijke collega’s uitlachen als ze een vrouwenvraag stellen. Daarmee wordt dan een vraag bedoeld die over emoties of iets dergelijks gaat. Uiteraard bestaan vrouwenvragen wel degelijk. Die luiden dan bijvoorbeeld: ‘Is het normaal dat je als je ongesteld bent de eerste twee dagen krimpend van de pijn op de bank ligt?’ of ‘horen bh’s zo strak te zitten?’ Dit zijn vrouwenvragen, omdat ze alleen over vrouwen gaan. In de journalistiek bestaan vrouwenvragen natuurlijk niet. Een vraag heeft geen gender, net als kleuren en eigenschappen dat ook niet hebben. Roze is geen meisjeskleur. Verzorgend is geen vrouwelijke eigenschap. Een kleur is een kleur, een eigenschap is een eigenschap en beide zijn genderloos. Dat het patriarchaat daar anders over denkt, is algemeen bekend en daarom zijn er veel mensen die geloven in jongens- en meisjeskleuren en dergelijke. Internalisatie doet soms vreemde dingen met mensen. Uit onderzoek is gebleken dat het innerlijk van mannen en vrouwen helemaal niet veel van elkaar verschilt. Asha ten Broeke schrijft daar vaak dingen over, mocht je het een interessant onderwerp vinden.

En dan nog iets. Van bevriende witte mannen krijg ik vaak te horen dat er ‘ook heus wel goede mannen bestaan’. Dat klopt. Ik ken er vrij veel. Bovendien ben je als feminist niet tegen mannen. Feminisme betekent alleen maar dat je streeft naar gelijke rechten voor mannen en vrouwen. Maar mannen hebben hierin wel een verantwoordelijkheid. Daarom raad ik graag alle mannen deze Mansplain Monday aan en eigenlijk alle Mansplain Monday’s op Stellingdames (sowieso raad ik iedereen de hele tijd die website aan). Want als je jezelf een ‘goede’ man vindt, dan moet je dat niet alleen vol trots verkondigen, maar ook uitspreken en, nog belangrijker, laten zien. Waarschijnlijk heb ik dit al een keer verteld. Maar zolang ik nog opmerkingen als ‘doe eens niet zo feministisch, dat vinden mannen onaantrekkelijk’ naar mijn hoofd krijg, denk ik dat het niet vaak genoeg gezegd kan worden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s